
Dit is waar ik vanmiddag op let na de sterke cijfers van AMD
De vraag naar rekenkracht voor AI groeit nog steeds hard. Dat is voor mij de belangrijkste boodschap van de cijfers van AMD en Supermicro van gisteravond. Beide bedrijven verkopen veel meer dan een jaar geleden. Tegelijkertijd verdwijnt een flink deel van het geld in voorraden, leveringen en uitbreiding. Daar begint voor mij de volgende vraag: wie houdt straks het meeste over aan deze groei?
Vandaag krijgen we opnieuw een hele reeks antwoorden. ARM staat hoog op mijn kooplijst. Ik wil vooral zien of het bedrijf meer verdient aan de chips die anderen ontwerpen en verkopen, en hoeveel extra geld de stap naar eigen chips gaat kosten. Daarnaast volg ik onder meer Qualcomm, AppLovin, Datadog en Uber. Samen vertellen die bedrijven veel over AI, advertenties, consumenten en de prijs die we als beleggers voor groei betalen.
AMD geeft de chipsector weer iets om op te bouwen
Gisteravond kwam de omzet van AMD uit op 13,38 miljard dollar, bijna 45% meer dan een jaar geleden. De aangepaste winst per aandeel bedroeg 2,09 dollar. Vooral de vooruitblik trok mijn aandacht: voor het komende kwartaal verwacht het management ongeveer 17 miljard dollar omzet. Dat zou opnieuw een duidelijke versnelling zijn.
De motor is het onderdeel voor datacenters. Daar verdubbelde de omzet bijna, naar 8,55 miljard dollar. Dat is inmiddels ongeveer twee derde van het hele bedrijf. De grote klanten blijven dus investeren in de processors en AI chips waarmee hun diensten draaien. Het aandeel liep na de cijfers op en gaf andere chipaandelen steun.
Ik vind dit een belangrijk onderscheid binnen de sector. De verkoop van chips voor pc’s groeide maar bescheiden en de omzet uit gaming daalde ongeveer 40%. Wie zegt dat het goed of slecht gaat met ‘de chipmarkt’, slaat daarmee een groot deel van het verhaal over. Er lopen verschillende cyclussen door elkaar.
Bij de kasstroom zit een punt om te volgen. Na investeringen bleef in het kwartaal 554 miljoen dollar over, tegenover 1,53 miljard een jaar eerder. Meer geld ging onder meer naar voorraden en nog te ontvangen betalingen. Over de eerste negen maanden lag de vrije kasstroom wel ongeveer 36% hoger. Eén kwartaal zegt dus weinig over de hele ontwikkeling, maar het laat zien dat snelle groei eerst geld kan kosten.
Supermicro laat zien hoeveel geld er in groei gaat zitten
Bij Supermicro is dat nog duidelijker. De omzet kwam uit op bijna 20 miljard dollar, ongeveer vier keer zoveel als een jaar geleden. Het bedrijf bouwt complete servers en systemen waarin chips van onder meer Nvidia en AMD worden gebruikt. Wie meer rekenkracht wil installeren, heeft ook al die systemen, verbindingen en koeling nodig.
Deze cijfers zijn voorlopig en de financiële afsluiting was nog niet afgerond. Dat hoort bij de beoordeling. Ook had het management de omzetverwachting in oktober al flink verhoogd. De verrassing was daardoor kleiner dan een vergelijking met een oude analistenraming suggereert.
De brutomarge bedroeg 12,7%. Van iedere 100 dollar omzet bleef dus 12,70 dollar over na de directe kosten van de verkochte producten, voordat bijvoorbeeld personeel op kantoor en onderzoek betaald zijn. De vrije kasstroom was ongeveer 476 miljoen dollar negatief. Voorraden van ruim 15 miljard dollar en bijna 10 miljard aan openstaande klantbetalingen laten zien hoeveel kapitaal dit bedrijfsmodel vraagt.
Daarom kijk ik bij deze twee bedrijven verder dan de omzetgroei. Bij AMD draait veel om de waarde van het chipontwerp, de software en de positie tegenover Nvidia. Bij Supermicro gaat het ook om de snelheid waarmee systemen worden gebouwd en uitgeleverd, tegen een marge die veel smaller is. Een sterke vraag kan beide helpen, terwijl de economische opbrengst voor aandeelhouders behoorlijk verschilt.
Bij Booking, Duolingo en Shopify zit de uitleg achter het winstcijfer
Booking rapporteerde 7% meer geboekte overnachtingen. De omzet leek met 1% te dalen, maar daarin zat een voorziening van 900 miljoen dollar voor een geschil met de Amerikaanse toezichthouder FTC. Zonder die post groeide de omzet 9%. Een voorziening is een bedrag dat een bedrijf alvast in de resultaten verwerkt voor een verwachte verplichting; het is geen definitief vastgestelde boete.
Wat mij meer bezighoudt, is de verwachting voor het lopende kwartaal. Het management rekent op slechts 1% tot 3% meer overnachtingen en ongeveer gelijkblijvende aangepaste operationele winst vóór afschrijvingen. Duurdere reizen en de onrust in het Midden-Oosten maken het vooruitzicht minder sterk. Dat helpt verklaren waarom een goed winstcijfer niet automatisch een hogere koers oplevert.
Duolingo liet juist zien waarom je een grote winstdaling eerst moet uitpluizen. De winst per aandeel kwam uit op 54 dollarcent, veel lager dan vorig jaar. In dat vergelijkingskwartaal zat echter een grote eenmalige belastingbate. De gewone bedrijfswinst daalde ook, maar veel minder dramatisch dan die vergelijking van de winst per aandeel doet vermoeden.
De omzet groeide bijna 14% en het aantal dagelijkse gebruikers 29%. Interessant vind ik de keuze om AI functies breder beschikbaar te maken. Het bedrijf stopt met de verkoop van nieuwe Max abonnementen en wil videogesprekken met AI voor het einde van het jaar in Super opnemen. Goedkopere AI kan daarmee een beter product opleveren voor meer klanten. De vraag is hoeveel van die extra gebruikers uiteindelijk betalende abonnees worden.
Shopify, dat gisteren eerder op de dag rapporteerde, past in hetzelfde verhaal. De omzet steeg bijna 32% en de vrije kasstroom kwam uit op 816 miljoen dollar, ruim een vijfde van de omzet. Toch stond het aandeel onder druk. Dat herinnert mij eraan hoe belangrijk de prijs blijft: ook een bedrijf dat uitstekend groeit, kan tegenvallen wanneer beleggers op nóg meer rekenen.
Waarom ARM hoog op mijn kooplijst staat
ARM verdient onder meer aan ontwerpen en technologie die chipmakers gebruiken. Een klant betaalt voor toegang en vervolgens vaak een vergoeding per verkochte chip. Die positie spreekt mij aan: de technologie kan op heel veel plekken worden gebruikt, van telefoons tot datacenters, zonder dat het bedrijf al die chips zelf hoeft te produceren.
In het vorige kwartaal steeg de omzet 22% naar 1,29 miljard dollar. De vergoedingen voor verkochte chips groeiden eveneens 22%. Binnen dat onderdeel verdubbelden de inkomsten uit datacenters ruimschoots. Daar wil ik vanavond meer bewijs van zien.
Voor het kwartaal dat nu wordt gerapporteerd, gaf het management eerder een omzetverwachting van 1,33 tot 1,43 miljard dollar. De aangepaste winst per aandeel zou tussen 43 en 51 dollarcent uitkomen. Dat zijn verwachtingen van het bedrijf zelf. Ik gebruik die als vertrekpunt om te beoordelen of de ontwikkeling op schema ligt.
Bij de inkomsten uit licenties kijk ik ook naar wie er betaalt. In het vorige kwartaal kwam 193 miljoen dollar van de 574 miljoen dollar aan licentieomzet van SoftBank, de grootaandeelhouder. Zulke contracten kunnen groot zijn en van kwartaal tot kwartaal schommelen. De terugkerende vergoedingen uit verkochte chips vertellen mij daarom veel over het gebruik van de technologie buiten de eigen groep.
Daarnaast ontwikkelt ARM zelf processors voor datacenters. Dat kan een nieuwe inkomstenbron worden, maar brengt extra kosten en een andere verhouding met klanten met zich mee. Een klant die je technologie gebruikt, kan op onderdelen ook een concurrent worden. Ik wil begrijpen hoeveel winst die uitbreiding uiteindelijk kan opleveren en hoeveel daarvoor eerst moet worden geïnvesteerd.
Dat het aandeel hoog op mijn kooplijst staat, betekent dat ik het bedrijf en de waardering nauwlettend volg. De kwaliteit van een onderneming is één deel van de afweging. De groei die al in de koers zit, is minstens zo belangrijk. Een mooie kwartaalupdate kan mijn vertrouwen in het bedrijf vergroten zonder dat daarmee iedere aankoopprijs aantrekkelijk wordt.
Dit volg ik vandaag naast ARM
Bij Qualcomm wil ik zien hoe de zwakke telefoonmarkt en nieuwe groeibronnen zich tot elkaar verhouden. In het vorige kwartaal daalde de omzet uit telefoonchips 20%, terwijl automotive 61% groeide. Het bedrijf verwacht nu 9,7 tot 10,5 miljard dollar kwartaalomzet. AI op telefoons en computers kan een kans zijn, maar die moet uiteindelijk zichtbaar worden in verkochte chips, marges en winst.
Cirrus Logic geeft een aanvullend beeld van de markt voor consumentenelektronica. Het levert onder meer audiochips en is sterk verbonden met de productketen rond Apple. De eerdere omzetverwachting ligt op 510 tot 570 miljoen dollar. Ik kijk naar de vraag naar apparaten én naar hoeveel waarde het bedrijf per apparaat kan toevoegen.
Datadog heeft inmiddels 35% omzetgroei gemeld, naar ongeveer 1,20 miljard dollar. Dat ligt boven de eerdere eigen verwachting van 1,135 tot 1,145 miljard. De aangepaste winst per aandeel kwam uit op 81 dollarcent, de gerapporteerde winst op 32 cent. Na investeringen bleef 251 miljoen dollar over. Voor mij is vooral relevant dat meer gebruik samengaat met winst en kasstroom. Voor het komende kwartaal rekent het management op 1,19 tot 1,20 miljard dollar omzet.
Fastly helpt websites en toepassingen sneller en veiliger bij de gebruiker te komen. Het verwacht 184 tot 190 miljoen dollar omzet. Bestaande klanten besteedden over twaalf maanden per saldo meer, ook na het vertrek van klanten. Tegelijk steeg het aandeel van de tien grootste klanten in de omzet naar 37%. Groei is aantrekkelijker wanneer die ook over meer klanten wordt verdeeld.
AppLovin is voor mij een belangrijke test van AI in advertenties. De technologie helpt adverteerders om de juiste gebruiker te bereiken en meer resultaat uit hun budget te halen. Het management verwacht ongeveer 2,06 tot 2,09 miljard dollar omzet en een aangepaste operationele marge vóór afschrijvingen van circa 83%. Ik kijk vooral of de groei buiten mobiele games doorzet en of die hoge winstgevendheid houdbaar blijft.
Uber verwacht voor dit kwartaal 58,25 tot 60,25 miljard dollar aan boekingen. Dat is wat klanten voor ritten en bezorgingen betalen, niet de omzet die het platform zelf houdt. Het afgelopen kwartaal groeide het aantal ritten 18%. Vandaag kijk ik naar verdere groei, de kasstroom en de rol van zelfrijdende taxi’s. Wordt het platform de plek waar reizigers zulke ritten boeken, en welk deel van de opbrengst kan het dan behouden?
Bij McDonald’s kijk ik naar het aantal klanten achter de omzet. In het vorige kwartaal groeide de vergelijkbare omzet wereldwijd 1,3%. Meer omzet door hogere prijzen vertelt iets anders dan meer bezoeken aan restaurants. Acties kunnen klanten terugbrengen, maar kosten ook marge. Dat maakt de cijfers interessant als peilstok voor de koopkracht.
Ahold heeft al gerapporteerd en kijkt naar de gevolgen van een cyberincident
Ahold Delhaize kwam vanochtend al met cijfers. De kwartaalomzet bedroeg 23,1 miljard euro en de onderliggende winst per aandeel 69 eurocent. De onderliggende operationele marge bedroeg 4,1%.
De aandacht gaat vooral naar een cyberincident in oktober. Het concern verwacht daardoor in het vierde kwartaal 200 tot 250 miljoen euro omzet mis te lopen en 75 tot 100 miljoen euro minder onderliggende operationele winst te boeken. De verwachting voor de vrije kasstroom over het hele jaar is verlaagd naar ongeveer 2,1 miljard euro. Deze gevolgen zitten dus nog niet in het zojuist gerapporteerde derde kwartaal.
Supermarkten hebben een vrij voorspelbare vraag, maar zijn afhankelijk van logistiek, betalingen en digitale systemen. Dat maakt dit ook relevant naast de cijfers van bedrijven die software en beveiliging verkopen. Het belang van een dienst is groot wanneer uitval direct omzet kost. Hoeveel de leverancier daaraan kan verdienen, blijft vervolgens een aparte vraag.
Waarom ik vandaag ook naar banen en diensten kijk
De definitieve inkoopmanagersindex voor de dienstensector in de eurozone is vanochtend uitgekomen op 51,4. Dat is lager dan de eerdere schatting van 51,7 en lager dan september. Boven 50 betekent dat per saldo meer bedrijven verbetering melden dan verslechtering. De sector groeit volgens deze enquête nog, maar minder breed dan een maand geleden. Het cijfer betekent niet dat de economie met 1,4% groeit.
Om 14.15 uur volgt het Amerikaanse banenrapport van ADP. Economen rekenen op ongeveer 70.000 extra banen in de private sector, na 90.000 in september. Het geeft een indruk van de vraag naar personeel. Het is geen werkloosheidscijfer en voorspelt het officiële banenrapport niet één op één.
Om 16.00 uur volgt de Amerikaanse ISM index voor diensten. De verwachting ligt rond 54,8, vrijwel gelijk aan september. Ik kijk daarbij vooral naar nieuwe orders, personeel en de prijzen die bedrijven betalen. In september stond die prijzenindex op 74. Dat betekende dat prijsstijgingen breed voorkwamen, niet dat de inflatie 74% bedroeg.
Hier komen de bedrijfsverhalen samen. Als de economie stevig blijft groeien en kosten oplopen, hebben centrale banken minder ruimte om de rente te verlagen. Dat raakt bedrijven die veel moeten lenen, consumenten die een aankoop financieren en de waardering van toekomstige winsten. Voor een neocloud die nieuwe chips wil kopen, is de rente heel concreet een deel van de kostprijs.
De vraag naar AI en het rendement erop blijven twee verschillende vragen
Ik zie in deze cijferreeks nog steeds een grote vraag naar AI en digitale diensten. De verschillen zitten in wie moet investeren, wie de prijs kan bepalen en wie het geld uiteindelijk ontvangt. Een chipontwerper, een serverbouwer, een cloudbedrijf en een softwareleverancier kunnen allemaal groeien, met heel verschillende gevolgen voor hun aandeelhouders.
Een sterke balans kan daarbij belangrijker worden. Grote cloudbedrijven hebben bestaande inkomsten en meer mogelijkheden om financiering te regelen. Kleinere aanbieders kunnen juist klem komen te zitten tussen dure nieuwe apparatuur en de voorwaarden van hun financiers. Die mogelijke verschuiving besprak ik eerder bij de visie van Bill Ackman op AI. Een vertraging bij een leverancier is overigens nog geen bewijs dat de vraag verdwenen is.
Op de achtergrond veranderen ook de politieke verhoudingen. De Democraten hebben volgens de verkiezingsprognoses de meerderheid in beide kamers van het Amerikaanse Congres gewonnen. Dat beperkt straks de ruimte voor nieuwe wetgeving van Trump, terwijl hij op andere terreinen bevoegdheden houdt. Ik zou de beweging van ieder aandeel vandaag niet aan de verkiezingen ophangen; de bedrijfscijfers leveren al genoeg eigen verklaringen.
Voor mij blijft de afweging daarom vrij concreet. Wordt de concurrentiepositie sterker? Levert de groei uiteindelijk meer geld per aandeel op? En hoeveel daarvan betaal ik vandaag al vooruit? ARM staat hoog op mijn lijst omdat ik de positie interessant vind. Vanavond wil ik zien of de cijfers dat beeld verder ondersteunen. Daarna komt de rekensom.



















































































































Opmerkingen