
Apple verslaat de verwachtingen. Dit is waarom ik vooral naar de kasstroom kijk
Apple verkoopt meer iPhones, verdient meer dan verwacht en houdt veel geld over. Dat is voor mij het belangrijkste aan deze kwartaalcijfers. Juist nu de beurs zich afvraagt hoeveel de miljarden aan investeringen in AI uiteindelijk opleveren, laat dit bedrijf zien hoe krachtig een bestaande klantenkring kan zijn.
De omzet groeide met 12% en de winst per aandeel met 14%. Dat zijn stevige cijfers voor een onderneming van deze omvang. Er zit wel een meevaller in door terugbetaalde invoerheffingen. En wie vervolgens naar de waardering kijkt, ziet dat beleggers al behoorlijk veel vertrouwen hebben in de toekomst.
Meer omzet en winst dan verwacht
Over het kwartaal tot 26 september kwam de omzet uit op $114,48 miljard. Analisten rekenden volgens Koyfin gemiddeld op $113,35 miljard. De winst per aandeel bedroeg $2,10, tegenover een verwachting van $1,99. Onder de streep bleef $30,71 miljard winst over.
Voor de vergelijking met vorig jaar helpt het om die winst per aandeel even uit te leggen. Je bezit met één aandeel een klein stukje van de onderneming. Als de winst groeit en het bedrijf tegelijkertijd eigen aandelen inkoopt, hoeft die winst over minder aandelen te worden verdeeld. Beide effecten helpen de winst die bij jouw stukje hoort.
De terugbetaling van invoerheffingen leverde deze keer ongeveer $0,05 per aandeel op. Trek je alleen die bijdrage af, dan houd je rekenkundig $2,05 over. Dat is geen aparte winstmaatstaf die het bedrijf publiceert, maar het maakt de omvang van de meevaller begrijpelijk. Ook zonder die vijf cent ligt de winst boven de genoemde verwachting.
Hetzelfde zie je bij de brutomarge: het deel van de omzet dat overblijft na de directe kosten van producten en diensten. Die kwam uit op 47,9%, waarvan ongeveer één procentpunt te danken was aan de terugbetaling. Ik zou die extra bijdrage dus niet automatisch doortrekken naar volgende kwartalen.
De iPhone trekt de groei, diensten leveren veel winst
De iPhone blijft de belangrijkste omzetbron. De verkopen brachten $57,58 miljard op, ongeveer 17,5% meer dan een jaar eerder. De Mac groeide bijna 24%. Bij de iPad en de categorie met onder meer de Watch en AirPods liep de omzet juist terug.
Diensten zijn ondertussen goed voor $31,57 miljard omzet, een groei van bijna 10%. Denk aan de App Store, iCloud en abonnementen. Hier zit een groot deel van de aantrekkingskracht van het verdienmodel. Een klant koopt een apparaat en blijft daarna vaak betalen voor diensten die daarbij horen.
Uit de financiële tabellen volgt een brutomarge van ongeveer 76% voor diensten. Voor de producten is dat ongeveer 37%. Van iedere dollar aan dienstenomzet blijft na de directe kosten dus veel meer over. Onderzoek, marketing en andere bedrijfskosten moeten daar vervolgens nog vanaf.
Dat maakt de klantenkring zo waardevol. Apparaten, eigen software en diensten versterken elkaar. Foto's, abonnementen, aankopen en gewoontes verhuizen niet allemaal moeiteloos mee als iemand van telefoonmerk wisselt. Die samenhang is het concurrentievoordeel waar ik naar kijk. Het bedrijf meldt dat het aantal actieve apparaten opnieuw een record bereikte.
De kasstroom maakt het verschil
Over het hele boekjaar kwam er $145,10 miljard aan geld binnen uit de bedrijfsactiviteiten. Daar ging $9,04 miljard af voor investeringen in gebouwen, apparatuur en andere vaste activa. Er bleef op deze gebruikelijke berekening $136,06 miljard vrije kasstroom over.
Dat is het geld dat na die investeringen beschikbaar blijft voor bijvoorbeeld schuldaflossing, overnames, dividend en aandeleninkoop. Het verklaart waarom ik bij deze cijfers verder kijk dan alleen de groei van de omzet. Een onderneming die zo veel geld genereert, heeft ruimte om nieuwe producten te ontwikkelen en tegenvallers op te vangen.
Aan het einde van het boekjaar stond er $136,94 miljard aan cash en verhandelbare beleggingen op de balans, inclusief de langer lopende beleggingen. Daartegenover stond $80,11 miljard aan financiële schuld. Per saldo resteert een buffer van ongeveer $56,82 miljard. De grote kaspositie is dus geen pot geld zonder verplichtingen, maar de financiële uitgangspositie is sterk.
Ook aandeelhouders kregen veel terug. In het boekjaar ging $86,39 miljard naar het inkopen van eigen aandelen en $15,72 miljard naar dividend. Dat kan de winst per aandeel ondersteunen. Hoeveel waarde een inkoop creëert, hangt vervolgens ook af van de prijs waartegen die aandelen worden ingekocht.
AI moet de apparaten en diensten waardevoller maken
De strategische vraag vind ik interessant. Apple heeft al de apparaten, het besturingssysteem en de relatie met de klant. Als AI ervoor zorgt dat je meer aan je telefoon of computer hebt, kan dat helpen bij de verkoop en het gebruik van diensten. Het hoeft daarvoor niet iedere euro zelf te verdienen met het verhuren van rekenkracht.
Dat neemt de noodzaak om te investeren niet weg. Onderzoek en ontwikkeling kostten dit boekjaar $45,77 miljard, ongeveer een derde meer dan vorig jaar. Die uitgaven zijn al verwerkt in het resultaat en de operationele kasstroom. De investeringen in vaste activa geven daarom geen compleet beeld van wat nieuwe technologie kost. Er is bovendien geen afzonderlijke winst voor AI waarmee je nu kunt aantonen hoeveel Siri of andere functies verdienen.
John Ternus, die sinds september de leiding heeft, koppelt de nieuwe producten in zijn toelichting nadrukkelijk aan de nieuwe Siri AI en het komende feestdagenseizoen. Voor mij ligt daar de volgende proef. Zorgen die functies voor genoeg extra gebruik, vervanging en bestedingen om de oplopende ontwikkelkosten terug te verdienen?
Ik houd ook de voorraden in de gaten. Die stegen van $5,72 miljard naar $14,54 miljard in een jaar. Rond nieuwe producten kan extra voorraad nodig zijn. Uiteindelijk wil je dat terugzien in verkopen en geld dat daadwerkelijk binnenkomt. Alleen uit de hogere voorraad kun je nog niet afleiden dat de vraag tegenvalt.
Voor die kwaliteit betaal je een stevige prijs
Bij de reguliere slotkoers van $338,27 op 2 november, vóór deze publicatie, betaalde je ongeveer 37,7 keer de winst van het afgesloten boekjaar. De rekensom is eenvoudig: $338,27 gedeeld door $8,98 winst per aandeel.
Zo'n waardering vraagt om aanhoudende groei en vertrouwen. Dat is precies de reden waarom ik een sterk bedrijf altijd los bekijk van de prijs van het aandeel. Je kunt de kwaliteit goed inschatten en toch weinig rendement overhouden wanneer je bij de aankoop al heel veel toekomstige groei betaalt.
Neem een rekenvoorbeeld waarin de winst per aandeel vijf jaar achter elkaar met 10% groeit. Dan stijgt die van $8,98 naar ongeveer $14,46. Als beleggers over vijf jaar bereid zijn 30 keer die winst te betalen, hoort daar een koers van ongeveer $434 bij. Vanaf $338,27 is dat ongeveer 5% koersrendement per jaar, vóór dividend en zonder valuta-effecten, kosten en belasting.
Het voorbeeld is geen voorspelling. Het laat wel zien hoeveel invloed de waardering heeft. Een bedrijf kan jarenlang uitstekend groeien, terwijl het aandeel een gematigder rendement oplevert omdat beleggers later een lagere prijs per dollar winst betalen.
Dit wil ik terugzien in het volgende kwartaal
Deze cijfers geven vertrouwen in de vraag naar de iPhone en in de kracht van de diensten. De kasstroom geeft ruimte om verder te investeren. Voor de komende kwartalen let ik vooral op de marge zonder tijdelijke meevallers, de verkoop van nieuwe apparaten en de groei van diensten. Daar moet zichtbaar worden hoeveel extra waarde de nieuwe generatie producten en AI toevoegt.
De officiële resultaten laten een sterke onderneming zien. Tegen deze waardering wil ik vervolgens ook een overtuigende reden zien waarom de groei lang genoeg kan aanhouden. Dat is de afweging die voor mij telt wanneer ik deze cijfers naast de rest van de technologiesector leg.
De toelichting van de directie is te volgen via de officiële webcast van Apple.



















































































































Opmerkingen